Wateroverlast en verdroging gaan hand in hand (foto: VMM)

Vlaams beleid rond duurzaam water laat zich niet in één-twee-drie schetsen

Het wettelijke kader rond duurzaam waterbeleid laat zich niet in een-twee-drie schetsen. Het wil dan ook verschillende manieren bevorderen om waterschaarste en verdroging tegen te gaan. Alles begint bij de zeer algemeen geformuleerde Europese kaderrichtlijn Water en de Europese Overstromingsrichtlijn, die het waterbeleid voor de hele Europese Unie uittekenen. Die worden vervolgens op verschillende beleidsniveaus geïmplementeerd. Op Vlaams niveau zijn verschillende nota’s, wetten, verordeningen, beheerplannen, proefprojecten en het nullozerstatuut schatplichtig aan de twee EU-richtlijnen.

De Europese kaderrichtlijn Water is sinds 22 december 2000 van kracht en geldt als een van de belangrijkste milieurichtlijnen voor water. Ze tekent een uniform waterbeleid uit in de hele EU en verplicht de lidstaten duurzaam om te springen met water. Daarvoor moeten de lidstaten beheerplannen opstellen per stroomgebied. Het doel van de kaderrichtlijn Water is de watervoorraden en -kwaliteit in Europa veilig te stellen en de gevolgen van overstromingen – begin februari was het weer zover in Oost-Vlaanderen – en perioden van droogte af te zwakken. Met de richtlijn Grondwater en de richtlijn Prioritaire stoffen kent de kaderrichtlijn Water twee ‘dochterrichtlijnen’. De eerste schetst een kader voor preventie- en controlemaatregelen om verontreiniging van het grondwater tegen te gaan, de tweede bevat kwaliteitsnormen voor oppervlaktewater voor een aantal gevaarlijke stoffen.

Advertising
 

... verder lezen ?

Deze inhoud is voorbehouden voor abonnees. Ben je al abonnee?
Log In Lees 30 dagen gratis