‘Leven op het land’, de 15de SDG van de VN

Het is vijf jaar geleden dat de algemene vergadering van de Verenigde Naties de Duurzame Ontwikkelingsdoelen of Sustainable Development Goals (SDG’s) aannam als de nieuwe mondiale ontwikkelingsagenda voor 2030. De komende weken gaan we daarom in op elk van die 17 doelen, die allemaal samen de drie dimensies van duurzame ontwikkeling reflecteren: het economische, het sociale en het ecologische aspect. In dit artikel bespreken we de vijftiende SDG: ‘Leven op het land’.

De SDG’s, van kracht van 2016 tot 2030, vervingen in september 2015 de millenniumdoelstellingen die dat jaar vervielen. De 17 SDG’s werden gekoppeld aan 169 onderliggende targets om de doelen te bereiken. De lidstaten moeten zelf zorgen voor vertaling in nationaal beleid. Het grotere doel is de mensheid bevrijden van armoede en de planeet duurzamer maken. De SDG’s kunnen onderverdeeld worden in vijf grote thema’s: mensen, planeet, welvaart, vrede en partnerschap.

Advertising
 

Om de vooruitgang naar de verwezenlijking van de doelstellingen en de 169 subdoelstellingen te volgen, werd in maar 2016 een geheel van 242 globale indicatoren voorgesteld door UNSD. Daarbij worden verschillende indicatoren opgesplitst volgens relevante categorieën zoals geslacht, leeftijd, geografische ligging enzovoort. Voor bepaalde indicatoren bestaat er reeds ruime methodologische overeenstemming, terwijl voor andere indicatoren nog verder onderzoek verricht moet worden. De lijst zal in de toekomst dus zeker nog verder evolueren. Het is ook belangrijk te weten dat die indicatoren slechts een mondiale aanzet vormen; de lidstaten worden aangespoord om via verdere nationale verfijning meer nauwkeurigere metingen te verzekeren.

Ecosystemen, bossen, land en biodiversiteit beschermen

In dit artikel gaan we in op de vijftiende SDG: ‘Leven op het land’. In die SDG worden suggesties gedaan rond hoe we het duurzaam gebruik van ecosystemen op het vasteland moeten beschermen, herstellen en bevorderen, over hoe we bossen duurzaam kunnen beheren, over hoe we woestijnvorming moeten bestrijden, over hoe we landdegradatie kunnen stoppen en terugdraaien en over hoe we het verlies aan biodiversiteit een halt kunnen toeroepen. In de SDG worden ook enkele subdoelen geformuleerd. Die suggesties en subdoelen luiden:

15.1 Tegen 2020 het behoud, herstel en het duurzaam gebruik van terrestrische en inlandse zoetwaterecosystemen en hun diensten waarborgen, in het bijzonder bossen, moeraslanden, bergen en droge gebieden, in lijn met de verplichtingen van de internationale overeenkomsten.

15.2 Tegen 2020 de implementatie bevorderen van het duurzaam beheer van alle soorten bossen, de ontbossing een halt toeroepen, verloederde bossen herstellen en op een duurzame manier bebossing en herbebossing mondiaal opvoeren.

15.3 Tegen 2030 de woestijnvorming tegengaan, aangetast land en gedegradeerde bodem herstellen, ook land dat wordt aangetast door woestijnvorming, droogte en overstromingen, en streven naar een wereld die qua landdegradatie neutraal is.

15.4 Tegen 2030 het behoud garanderen van de ecosystemen in de bergen, met inbegrip van hun biodiversiteit, om hun vermogen te versterken voordelen te genereren die essentieel zijn voor duurzame ontwikkeling.

15.5 Dringende en doortastende actie ondernemen om de aftakeling in te perken van natuurlijke leefgebieden, het verlies van biodiversiteit een halt toe te roepen en, tegen 2020, de met uitsterven bedreigde soorten te beschermen en hun uitsterven te voorkomen.

15.6 Bevorderen van het eerlijk en billijk verdelen van de voordelen die voortvloeien uit het gebruik van genetische hulpbronnen en bevorderen van gepaste toegang tot dergelijke hulpbronnen, zoals internationaal overeengekomen.

15.7 Dringend actie ondernemen om een einde te maken aan stroperij en de handel in beschermde planten- en diersoorten en zowel de vraag naar als het aanbod van illegale producten afkomstig van deze planten- en diersoorten aan te pakken.

15.8 Tegen 2020 maatregelen invoeren om de invoering van invasieve uitheemse soorten in land- en waterecosystemen te beperken en hun impact op aanzienlijke wijze te beperken, en de prioritaire soorten controleren of uitroeien.

15.9 Tegen 2020 ecosysteem- en biodiversiteitswaarden integreren in nationale en plaatselijke planning, ontwikkelingsprocessen, strategieën en plannen inzake armoedebestrijding.

a. Financiële hulpbronnen mobiliseren en aanzienlijk verhogen vanuit allerlei bronnen om de biodiversiteit en de ecosystemen te vrijwaren en op duurzame wijze te gebruiken.

b. Aanzienlijke middelen mobiliseren vanuit allerlei bronnen en op alle niveaus om duurzaam bosbeheer te financieren en gepaste stimuli te verschaffen aan ontwikkelingslanden om een dergelijk beheer te organiseren, ook voor behoud en herbebossing.

c. De wereldwijde inspanningen ter bestrijding van stroperij en illegale handel in beschermde diersoorten opvoeren, ook door verhoging van de capaciteit van plaatselijke gemeenschappen in hun streven naar kansen inzake een duurzaam bestaan.

Meer informatie over deze doelstelling? Neem een kijkje op de website van het Regionaal Informatiecentrum van de Verenigde Naties of op de officiële website van de SDG’s.

Meer ecoTips artikels over SDG’s


Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *